Onderhoud kapitaalgoederen

Inleiding

Kapitaalgoederen zijn vermogens die zijn vastgelegd in objecten met een nut over meerdere jaren. Voor deze objecten is tijdens de levensduur geld nodig om de kwaliteit en het functioneren in stand te kunnen houden.
We onderscheiden in deze paragraaf drie categorieën kapitaalgoederen:

  • Voorzieningen in de openbare ruimte
  • Buitensportaccommodaties
  • Gemeentelijke gebouwen (inclusief gebouwen basisonderwijs)

Deze kapitaalgoederen vertegenwoordigen een grote waarde. Samenvattend zijn we als gemeente eigenaar van de volgende kapitaalgoederen:

  • 618 hectare verhardingen in wegen, straten en pleinen met bijbehorende voorzieningen als trottoirs, lichtmasten, wegmeubilair, verkeersregelinstallaties en bruggen. De totale weglengte is 954 kilometer.
  • 2 parkeergarages en diverse terreinen ingericht voor betaald parkeren
  • 493 kilometer hoofdriolen onder vrij verval met aansluitleidingen, gemalen en 193 kilometer persleidingen
  • 845 hectare parken, plantsoenen en bermen
  • 71.900 bomen
  • 751 hectare bosgebieden
  • 49 hectare natuurgebieden
  • 154 gebouwen
  • 19 sportparken

1. Voorzieningen in de openbare ruimte

Beheerplannen vormen de basis voor beheer, onderhoud en vervanging van voorzieningen in de openbare ruimte. Beheerplannen stellen we op aan de hand van beleidskeuzes die zijn vastgelegd in visiedocumenten, beleidsplannen en beleidsbeslissingen. In de komende jaren brengen we de voor de invoering van de Omgevingswet relevante kaders samen in een omgevingsvisie en omgevingsplannen.
Als algemene definitie voor het beheer van voorzieningen hanteren we: het zorg dragen voor de afgesproken prestaties en kwaliteiten bij aanvaardbare risico’s en tegen minimale kosten.
Groot onderhoud en vervangingsinvesteringen hebben we in het Integraal Uitvoeringsprogramma voor de openbare ruimte (IUP) in de tijd op elkaar afgestemd. Dit betekent dat we bepaalde werkzaamheden uit de beheerplannen naar voren halen of soms naar achteren schuiven omdat daarmee een financieel of maatschappelijk voordeel behaald kan worden. Dagelijks of klein onderhoud staat veel meer op zichzelf en wordt waar relevant gebiedsgericht afgestemd en uitgevoerd.

De beheerplannen hebben een beperkte geldigheidsduur. Deze periode is afhankelijk van de beschikbare financiële middelen, nieuwe ontwikkelingen en politieke relevantie. Naast reguliere middelen in de begroting zetten we geld uit reserves en voorzieningen in en zetten we incidenteel geld in dat via de programmabegroting is vrijgemaakt of we via subsidies hebben gekregen.

In 2013 hebben we in de Kadernota Openbare Ruimte een kwaliteitscatalogus inclusief een kwaliteitsprofiel voor het onderhoud van de openbare ruimte vastgesteld. De budgetten in de begroting zijn daarop gebaseerd.

In het volgende overzicht geven we aan welke beleids- en beheerplannen er zijn, in welk jaar ze zijn vastgesteld en (indien gepland) wanneer we deze actualiseren.

Beleidsplan/beheerplan

Jaar vaststelling

Jaar actualisatie

Mobiliteitsplan

2011

2016 (evaluatie)

Parkeerbeleidsplan

2005

Beleidsnota openbare verlichting

2014

Kadernota, visie en leidraad openbare ruimte

2013 en 2015

Kwaliteitsprofiel onderhoud openbare ruimte

2013

Speelruimtebeleid

2016

Boomstructuurplan

2016

Beheerplan wegen

2015

2019

Beheerplan groen en spelen

2013

2016

Beheerplan openbare verlichting

2014

2018

Beheerplan verkeersregelinstallaties

2015

2019

Beheerplan kunstobjecten

2012

Beheerplan parkeren (betaald)

2015

2020

Integraal Uitvoeringsprogramma openbare ruimte (IUP)

2015

2017

Meerjareninvesteringsprogramma Mobiliteit (MIPMo)

2014

2016

Beheerplan bossen

2009

Plan gemeentelijke watertaken (vGRP)

2012

2017

Beheerplan riolering/kostendekkingsplan (vGRP)

2012

2016

Beheerplan haven

2015

2020

De vastgestelde kwaliteitsniveaus (uit de kwaliteitscatalogus) voor het onderhoud van de openbare ruimte zijn:

Omschrijving

Kwaliteitsniveau per 2015

Centrum

Goed

Wonen

Sober (+ extra € bewonersinitiatieven)

Werken

Sober

Hoofdroutes

Sober

Parken/grote groengebieden

Sober

Sportcomplexen

Sober

Bos/natuurgebied

Sober

Buitengebied

Sober

Eind 2016 voeren we een beleidsschouw uit.
Het gemiddelde onderhoudsniveau voor de openbare ruimte lag in 2015 en 2014 nagenoeg op hetzelfde niveau. Voor alle gebieden, met uitzondering van de centra, was het niveau Sober of Basis met een lichte verbetering. De streefkwaliteit Goed voor centrumgebieden werd niet gehaald. Deze hangt op het snijvlak van Sober en Basis met een lichte verbetering ten opzichte van 2014. Met uitzondering van de centrumgebieden voldoen we hiermee aan het vastgestelde kwaliteitsprofiel.  

Financiële consequenties

Per 2017 moet de begroting in overeenstemming zijn met de nieuwe regels uit het BBV. Ten aanzien van kapitaalgoederen in deze paragraaf hebben rentetoerekening, overheadkosten en met name een verplichte afschrijving van investeringen met maatschappelijk nut financiële consequenties. Deze investeringen werden in onze beheerplannen gefinancierd uit budget voor groot onderhoud. Per 2017 maken we onderscheid tussen groot onderhoud en vervangingsinvesteringen. Groot onderhoud draagt bij om het object in stand te houden. Een vervangingsinvestering dient ervoor om het object aan het einde van zijn levensduur te vervangen. In de oude opzet werden deze vervangingsinvesteringen in één keer uit de groot onderhoudsgelden afgedekt. Met ingang van 1 januari 2017 activeren we deze investeringen. Voor de korte termijn betekent dit incidenteel voordeel omdat niet het volledige investeringsbedrag in één keer wordt afgedekt maar alleen de kapitaallasten (rente en afschrijving) van deze investering. Vervolgens nemen de kapitaallasten -door de toenames van de investeringen- elk jaar toe.
De consequenties op langere termijn door hogere totaalkosten (rentecomponent) inclusief de toekomstige kosten door toenamen van vervangingsvolume maken we in 2017 in een document inzichtelijk. Op basis daarvan kunnen besluiten genomen worden.

Hiermee ontstaat een nieuwe reserve voor investeringen met maatschappelijk nut naast al aanwezige reserves en voorzieningen voor kapitaalgoederen:

  • Reserve investeringen maatschappelijk nut
  • Reserve openbare verlichting
  • Reserve verkeersregelinstallaties
  • Egalisatiereserve rioleringsbeheer
  • Spaar- en egalisatievoorziening rioolvervanging
  • Reserve Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP)
  • Reserve mobiliteit
  • Reserve parkeren
  • Voorziening groot onderhoud haven en brug

2. Buitensportaccommodaties

Het beheerplan buitensportaccommodaties (2009) is het beheerinstrument voor onderhoud en renovatie van sportterreinen. Dit plan geeft aan hoe we de sportvelden, verhardingen, beplanting, hekwerken, verlichting en inrichtingsmaterialen tijdens de planperiode onderhouden, vervangen en renoveren.

Beleidsplan/beheerplan

Jaar vaststelling

Jaar actualisatie

Beheerplan buitensportaccommodaties

2012

2015

Financiële consequenties

Middelen voor groot onderhoud zijn via de voorziening onderhoud sportparken beschikbaar.

3. Gemeentelijke gebouwen

Voor het onderhoud van de gemeentelijke gebouwen sloten we vanaf 2012 voor de duur van 6 jaar een prestatiecontract af op basis van vooraf vastgestelde kwaliteitscriteria. Daarnaast stelden we in 2012 voor de hele vastgoedportefeuille een nieuwe meerjarenonderhoudsplanning (MOP) op. Jaarlijks worden de gebouwen geïnspecteerd. Het opstellen van de MOP en de uitvoering van de inspectie is gebaseerd op de methodiek conditiemeten (NEN2767). Na het afronden van de MOP vertaalden we de resultaten daarvan in het beheerplan gemeentelijke gebouwen 2013-2018. We onderhouden de gebouwen op conditieniveau 3: sober en doelmatig.

Beleidsplan/beheerplan

Jaar vaststelling

Jaar actualisatie

Beheerplan gemeentelijke gebouwen

2013

2017

Financiële consequenties

De onderhoudskosten voor gemeentelijke gebouwen nemen we op in de meerjarige onderhoudsplannen. In de begroting nemen we jaarlijks structureel budget op voor de uitvoering van het noodzakelijk onderhoud. Deze budgetten reserveren we per gebouw in een onderhoudsvoorziening. De gebouwen die we binnen enkele jaren gaan (her-)ontwikkelen of afstoten onderhouden we op een lager conditieniveau. Als besloten wordt een gebouw te herbestemmen of af te stoten analyseren we de financiële consequenties voor de betreffende onderhoudsvoorziening. De volgende onderhoudsvoorzieningen zijn aanwezig:

  • Onderhoud Ir. Diddewerf
  • Onderhoud brandweerkazernes Oss
  • Onderhoud accommodatie emancipatie
  • Onderhoud gebouwen begraafplaatsen
  • Onderhoud accommodatie openluchtrecreatie
  • Onderhoud Horizonscholen/gymlocaties in scholen
  • Onderhoud sociaal-culturele accommodaties
  • Onderhoud Museum Jan Cunen
  • Onderhoud sporthallen en -zalen
  • Onderhoud gemeentehuis
  • Onderhoud monumenten